Historische Vereniging Voorburg

1 Personeel gezocht bij Vreugd en rust

Flinke werkmeid gezocht

Voor veel leden van de HVV is het ontvangen van een nieuw boek in de serie ‘Historisch Voorburg’ het hoogtepunt van het verenigingsjaar. Ook dit jaar is er dankzij de inzet van auteurs, redactie en vormgever (en niet te vergeten de financiële steun van diverse instellingen en bedrijven) weer een prachtig boek gepubliceerd: ‘Vreugd en Rust - gastvrije buitenplaats met een park van Zocher’. Op vrijdag 19 juni is het eerste exemplaar van dit kloeke boek overhandigd aan Commissaris van de Koning Jaap Smit en Wethouder Astrid van Eekelen. 
Bij het op Delpher (1) zoeken naar leuke weetjes over Voorburg uit het jaar 1920 vallen een paar berichten op die een kleine toevoeging vormen op de gedetailleerde beschrijving van de geschiedenis van ‘Vreugd en Rust’ in Hoofdstuk 2 ‘Gastvrij Vreugd en Rust’ . Zo werd er op 8 Juli in een personeelsadvertentie door ‘Parkhotel Vreugd en Rust’ gevraagd naar een ‘flinke werkmeid’. Een woordkeuze mbt het werkzame deel van de bevolking die wij honderd jaar later als ‘politiek weinig correct’ beschouwen. In het hoofdstuk ‘Gastvrij Vreugd en Rust’ wordt op pagina 131 vermeld dat er ook tentoonstellingen werden georganiseerd in het hotel. Duidelijk met als opzet om meer bezoekers naar ‘Vreugd en Rust’ te lokken.  Zo werd op 17 Juli door de ‘afdeeling Voorburg en Onstreken der Vereeniging tot bevordering der Bijenteelt in Nederland [......]‘eene Bijenteelttentoonstelling’ aangekondigd. Deze tentoonstelling was kennelijk van voldoende belang dat de Minister van Landbouw, Handel en Nijverheid gestrikt kon worden voor het ‘Eere-Comité’ van de tentoonstelling. Of dat beschermheerschap van de Minister van Landbouw veel extra bezoekers heeft opgeleverd is helaas niet terug te vinden in Delpher.
Het houden van tentoonstellingen in ‘Vreugd en Rust’ heeft in ieder geval niet geresulteerd in een winstgevende bedrijfsvoering. Begin 1923 werd de pacht van de buitenplaats beëindigd en werd het hotel te koop gezet (2).

[1] https://www.delpher.nl/nl/kranten/results?query=Voorburg&coll=ddd

[1] Historisch Voorburg, Jaargang 26, Hoofdstuk 2 > p. 131

 

2 Bijenteelttentoonstelling in Vreugd en Rust3 Minister als beschermheer van de bijenteelttentoonstelling

Voorburg in juli 1945 – voorzichtig herstel

Stapje voor stapje herstelde Nederland zich in de zomer van 1945. Het kabinet Schermerhorn was in mei 1945 aangetreden, met professor Piet Lieftinck als minister van Financiën. Een van zijn belangrijkste aandachtpunten was de geldzuivering. Op 6 juli 1945 verscheen het bericht dat vanaf 9 juli bank- en muntbiljetten van 100 gulden geen wettig betaalmiddel meer zouden zijn . Alle biljetten konden ingeleverd worden bij diverse banken. Dat was de eerste stap op weg naar de geldzuivering, die uiteindelijk op 26 september 1945 plaatsvond. Toen kwam het ‘tientje van Lieftinck’ in omloop. Ook in Voorburg verbeterde de situatie. Vanaf begin juli kwam de gaslevering weer op gang, met nog zeer beperkte rantsoenen overigens. De blauwe tram ging weer rijden tussen Den Haag en Leiden, er kwamen bussen voor het vervoer naar Gouda, Delft en Rotterdam. Weliswaar reed op sommige trajecten de trein alweer, maar een reis van Rotterdam naar Amsterdam duurde toen nog 6 uur. ‘Gelukkig’ kon er ook nog geklaagd worden, bijvoorbeeld over de prijs van een maaltijd in de Centrale Keuken. Waarom moest dat in Voorburg 1,60 gulden kosten, waar men in andere plaatsen, zoals in Den Haag, maar 70 cent hoefde te betalen, zo was een reactie .

Inlevering 100 gulden 6 juli 1945 

Uit Het Binnenhof, 6 juli 1945, blz. 1

Uit verschillende edities van Het Binnenhof, Haagsche Courant en Trouw, juli 1945

Voorburg in juli 1945 – het maatschappelijk en culturele leven weer opgestart

In deze maand kwam ook het maatschappelijke en culturele leven kwam weer op gang. Zo hield M. van der Goes Naters op 3 juli in ‘Ons Gebouw’ Kerkstraat 35 een lezing voor de SDAP over het thema Herstel en vernieuwing[1]. Vanaf september 1945 was hij plaatsvervangend fractievoorzitter in de Tweede Kamer. Op 5 juli kwam de Nederlandse Volksbeweging in het Forum Theater bijeen, met als spreker onder andere Mr. G.E. van Walsum, de latere burgemeester van Rotterdam[2].

In datzelfde Forum Theater was er ook weer amusement. Op 10 juli traden Marianne en Jan Apon opnieuw op met het stuk De Grote Geus[3]. De muziek was van Henri Zagwijn, en werd gespeeld door F. Boshof.

 De grote geus 9 7 1945

Dit stuk werd als opening van het toneelleven in bevrijd Nederland in verschillende schouwburgen opgevoerd. De tijd van de Kultuurkamer was voorbij. De grote Geus gaat over onderdrukking en opstand in de 16e eeuw, een voor de hand liggend thema direct na de oorlog. Jan Apon (1907-1993) was voor de oorlog al acteur. Na de oorlog trad hij ook op in tal van films en TV series (Het wonderlijke leven van Willem Parel, Swiebertje, Oebele)[1]. Van Marianne Apon is niets terug te vinden, behalve op onderstaand affiche, van Nic Blans[2]. Waarvoor dit specifieke affiche gebruikt is, kon ik niet terugvinden.

 

[1] Informatie uit Wikipedia

[2] Informatie uit Wikipedia

[1] Uit Het Vrije Volk, 3 juli 1945, blz. 2

[2] Uit Het Vrije Volk, 5 juli 1945, blz. 2

 poster Marianne en Jan ApoToontje in Forum

 

[3] Uit Het Binnenhof, 6 juli 1945, blz. 2

Voorburg in juli 1945 – het maatschappelijk en culturele leven weer opgestart

In deze maand kwam ook het maatschappelijke en culturele leven kwam weer op gang. Zo hield M. van der Goes Naters op 3 juli in ‘Ons Gebouw’ Kerkstraat 35 een lezing voor de SDAP over het thema Herstel en vernieuwing[1]. Vanaf september 1945 was hij plaatsvervangend fractievoorzitter in de Tweede Kamer. Op 5 juli kwam de Nederlandse Volksbeweging in het Forum Theater bijeen, met als spreker onder andere Mr. G.E. van Walsum, de latere burgemeester van Rotterdam[2].

In datzelfde Forum Theater was er ook weer amusement. Op 10 juli traden Marianne en Jan Apon opnieuw op met het stuk De Grote Geus[3]. De muziek was van Henri Zagwijn, en werd gespeeld door F. Boshof.

 

Dit stuk werd als opening van het toneelleven in bevrijd Nederland in verschillende schouwburgen opgevoerd. De tijd van de Kultuurkamer was voorbij. De grote Geus gaat over onderdrukking en opstand in de 16e eeuw, een voor de hand liggend thema direct na de oorlog. Jan Apon (1907-1993) was voor de oorlog al acteur. Na de oorlog trad hij ook op in tal van films en TV series (Het wonderlijke leven van Willem Parel, Swiebertje, Oebele)[1]. Van Marianne Apon is niets terug te vinden, behalve op onderstaand affiche, van Nic Blans[2]. Waarvoor dit specifieke affiche gebruikt is, kon ik niet terugvinden.

 

[1] Informatie uit Wikipedia

[2] Informatie uit Wikipedia

[1] Uit Het Vrije Volk, 3 juli 1945, blz. 2

[2] Uit Het Vrije Volk, 5 juli 1945, blz. 2

 

 

[3] Uit Het Binnenhof, 6 juli 1945, blz. 2

Voorburg in juli 1945 – het maatschappelijk en culturele leven weer opgestart

In deze maand kwam ook het maatschappelijke en culturele leven kwam weer op gang. Zo hield M. van der Goes Naters op 3 juli in ‘Ons Gebouw’ Kerkstraat 35 een lezing voor de SDAP over het thema Herstel en vernieuwing[1]. Vanaf september 1945 was hij plaatsvervangend fractievoorzitter in de Tweede Kamer. Op 5 juli kwam de Nederlandse Volksbeweging in het Forum Theater bijeen, met als spreker onder andere Mr. G.E. van Walsum, de latere burgemeester van Rotterdam[2].

In datzelfde Forum Theater was er ook weer amusement. Op 10 juli traden Marianne en Jan Apon opnieuw op met het stuk De Grote Geus[3]. De muziek was van Henri Zagwijn, en werd gespeeld door F. Boshof.

 

Dit stuk werd als opening van het toneelleven in bevrijd Nederland in verschillende schouwburgen opgevoerd. De tijd van de Kultuurkamer was voorbij. De grote Geus gaat over onderdrukking en opstand in de 16e eeuw, een voor de hand liggend thema direct na de oorlog. Jan Apon (1907-1993) was voor de oorlog al acteur. Na de oorlog trad hij ook op in tal van films en TV series (Het wonderlijke leven van Willem Parel, Swiebertje, Oebele)[1]. Van Marianne Apon is niets terug te vinden, behalve op onderstaand affiche, van Nic Blans[2]. Waarvoor dit specifieke affiche gebruikt is, kon ik niet terugvinden.

 

[1] Informatie uit Wikipedia

[2] Informatie uit Wikipedia

[1] Uit Het Vrije Volk, 3 juli 1945, blz. 2

[2] Uit Het Vrije Volk, 5 juli 1945, blz. 2

 

 

[3] Uit Het Binnenhof, 6 juli 1945, blz. 2

Voorburg juni 1945

Een kleine maand na de bevrijding begon het gewone leven weer op gang te komen. Allesoverheersend in die tijd was de schaarste: aan levensmiddelen, aan woningen, aan werk. Hierbij een krantenknipsel uit Het Vrije Volk, Haagse editie van 25 mei 1945. Wat een administratie moet dit zijn geweest, voor de overheid, voor de groot- en kleinhandel, voor de winkelier en uiteindelijk ook voor de consument (B staat voor ???, MG voor militair gezag). Verschillende bonnen voor verschillende producten, soms hele korte geldigheidsduur, en kwam je te laat, dan viste je achter het net, en aankondigingen van producten die aanstaande waren.

 

juni1945 1

 

In het Binnenhof, van woensdag 14 juni, stond een soortgelijk artikel, met bonnen voor weer andere producten, en dat met een nauwkeurigheid (geen 100 maar 112 gram als het in blik is, dat zal vast op basis van een Engelse eenheid gewogen zijn.  

juni1945 2

 

 

Telefoonnet Voorburg

 Telefoonnetvoorburg1

Zoals het krantenbericht laat zien werd Voorburg in Juni 1920 voortgestoten in de vaart der volkeren: vanaf 1 Juli 1920 kon je ook ’s avonds na 10 uur bellen met je vriendin of vriend of door haar / hem gebeld worden! In de woorden van Johan Cruiff: ‘elk voordeel heb zijn nadeel’.

Dat ’s nachts bellen ging overigens nog wel via een handmatig bediende telefooncentrale waar een behulpzame telefoniste (telefooncentrales werden gewoonlijk bemenst door jongedames) de verbinding tot stand bracht. Op de centrale werd door de telefoniste met behulp van een stekkersnoer contact gelegd tussen degene die belde met degene die gebeld werd. In Nederland  functioneerde dit handmatige systeem bij interlokaal bellen nog tot in de Jaren Vijftig van de vorige eeuw. Op het platteland van Australië waren dergelijke handmatig bediende centrales zelfs tot ver in de jaren Zeventig nog in gebruik. 

Het aantal telefoonabonnees in Voorburg was in 1920 nog niet zo groot. De ‘Naamlijst voor den Telefoondienst – Uitgaaf Januari 1920’ vermeldt alle bij het ‘Hoofdbestuur der Posterijen en Telegrafie’ geregistreerde Nederlandse telefoonnummers. Helaas staan de aansluitingen in Voorburg verstopt in de namenlijst van ’s Gravenhage en is het dus wat lastig om het preciese aantal Voorburgse abonnees te bepalen. Een vlugge scan laat echter zien dat ene Mevr. Westendorp telefoonnummer “ V 408 “ had, en de toenmalige burgemeester van Voorburg werd als volgt vermeld: “  V 378   Stern, Jhr. C. W., Burgemeester v. Voorburg, Oosteinde 221, Voorburg.”  In totaal zullen er dus rond de 500 abonnees geweest zijn. Kennelijk voldoende voor een eigen telefooncentrale waar vanaf 1 Juli 1920 ook ’s nachts een telefoniste aanwezig zou zijn.

Lees meer...

5 mei 1945: ‘Een blij afscheid’

Vanwege de corona crisis is de 75-jarige herdenking van de bevrijding nauwelijks goed gevierd. En dat terwijl er juist veel voorbereidingen getroffen waren om op uitgebreide schaal hierbij stil te staan. Dat is jammer, want stilstaan bij alle offers en heldendaden die toen gebracht zijn is belangrijk. Het laat zien hoe waardevol die activiteiten zijn geweest als bijdrage aan die bevrijding. De HVV heeft daarom besloten om de komende tijd aandacht te besteden aan die eerste naoorlogse jaren. Dat gebeurt op een soortgelijke wijze als bij ‘Het nieuws van gisteren’. Daarin wordt aan de hand van krantenartikelen teruggekeken naar allerlei aspecten van het leven in Voorburg 100 jaar terug. In deze nieuwe reeks gaan we terug naar de bevrijding en de daaropvolgende periode van herstel en wederopbouw. Begonnen wordt in mei 1945, de maand waarin Nederland en daarmee ook Voorburg bevrijd werd van de Duitse overheersing.

Vanaf mei 1943 verscheen haast dagelijks in Voorburg een ondergronds blad, ‘De Vossenburcht’. In dat blad werd vooral het nieuws over de oorlog doorgegeven, zoals dat via Radio Oranje en de BBC werd doorgegeven. Luisteren naar deze zenders was verboden, mensen waren gedwongen geweest om hun radio in te leveren. Daardoor was men aangewezen op het nieuws van gelijkgeschakelde kranten en het volledig door Duitsers gecontroleerde radionieuws. Met dit blad werd gepoogd de Voorburgers van het laatste internationale militair-strategische nieuws te voorzien. Dat men het tot het einde van de oorlog heeft volgehouden, is bewonderenswaardig. Dat men in een grote leemte voorzag, bleek wel uit de steeds groeiende belangstelling.

Het bevrijdingsnummer  begon als volgt:

 Nederland is weer vrij

In het afscheidsnummer in juni 1945 uitgebracht, werd uitgebreid ingegaan op de start, in mei 1943. Begonnen werd met handgeschreven notities, maar al snel kwam er een typemachine. Daarbij moest er papier en carbonlinten komen, moest men geregeld van locatie veranderen om niet door de Duitsers gepakt te worden. Ook was vanaf najaar 1944 elektriciteit vaak niet beschikbaar. Luisteren, drukken en verspreiden van dit soort kranten waren onverminderd risicovolle activiteiten: de Duitsers waren voortdurend op jacht. Diepe bewondering daarom voor deze verzetsactiviteit. In mei 1945 kon men weer bovengronds komen. De redactie besloot vervolgens in juni 1945 te stoppen dit blad. Dat werd betiteld als een blij afscheid, de vrijheid was herwonnen, het werk was gedaan.