Historische Vereniging Voorburg

Echte Friezen gezocht!| Voorburg  februari 1922

In de jaren ’20 was het nog normaal om inwonende huishoudelijke hulp te hebben. Dienstbodes en tuinlieden waren gevraagd, en toen nog betaalbaar - althans voor de ‘betere standen’. Denk in dit verband aan de vele dienstbodes uit Duitsland en Oostenrijk, die in die jaren hun heil zochten in het relatief rijke Nederland.

1922 februari tuinman

In dit geval zocht een gezin een echtpaar zonder kinderen, die zowel binnen als buiten het huis actief zouden kunnen zijn. Er waren tal van aanvullende eisen, vaak bekende, zoals goed kunnende koken, vertrouwd met tuinierswerk en met het onderhoud van auto’s, maar ook vrij opvallende, zoals die ‘van Friese afkomst’. Wellicht kwam het gezin uit Friesland, wellicht hadden Friezen een betrouwbare reputatie, dat valt niet meer na te gaan. Evenmin of er uiteindelijk een dergelijk echtpaar gesolliciteerd heeft en aangenomen is. De adresaanduiding is beknopt, wel de naam van de villa, maar niet het huisnummer. De Voorburgse postbode werd kennelijk geacht alle huisnummers van ‘mensen op stand’ te weten.

Overigens blijkt uit een andere advertentie uit 1920 dat het om Oosteinde 70 ging. In die advertentie uit 1920 werd om ‘een beschaafd meisje’ gevraagd voor een zeer vergelijkbaar takenpakket. Helaas blijkt nergens uit waarom er al na twee jaar weer een vrijwel identieke vacature was in Villa ‘Labor Vincit’. Is de eerste dienstbode wegens slechte werkomstandigheden weggelopen? Kon ze elders meer verdienen? Ging ze trouwen? We kunnen er alleen maar naar raden. Daarnaast, het vrijstaande huis waarin het gezin toen woonde is kort daarop gesloopt, in 1932 kwam daar een rijtje van 4 huizen voor terug, Oosteinde 68-74, huizen die nu ook al weer 90 jaar oud zijn.

 

Indië meldt treinramp | Voorburg  januari 1922

 

100 Jaar terug haalde Voorburg de internationale pers, al was het dan wel in Nederlands-Indië. Op uiterst gedetailleerde wijze werd in de Sumatra Post van 3 januari 1922 verslag gedaan van een treinongeluk op het nu niet meer bestaande baanvak naar Scheveningen. De rails waren glibberig, dat fenomeen was dus ook toen al een probleem voor de spoorwegen. De machinist van de trein, vertrokken van HS naar Scheveningen, zag weliswaar een sein op onveilig, maar kon de trein niet snel genoeg tot stilstand te brengen. Tegelijk was de machinist van de trein van Scheveningen naar Rotterdam Hofplein evenmin in staat om zijn trein nog tijdig af te remmen. De onvermijdelijke botsing resulteerde in het omgeslaan van de locomotief, van de trein uit Scheveningen, en een verbrijzeld bagagerijtuig. Gelukkig waren er  geen gewonden (of erger) onder de passagiers.

1922 januari treinongeluk 1

Met die uitkomst zou je verwachten dat een kort bericht volstaan zou hebben. Maar óf de honger naar Nederlands nieuws was in Indië zo groot dat de Sumatra Post een dergelijk omvangrijk artikel opnam in haar editie, óf er was zo weinig nieuws te melden dat men bij de Post van arremoede dit Voorburgse nieuws zoveel aandacht kon geven. Wat de verklaring ook is, ook op Sumatra was men dus nauwkeurig op de hoogte van dit Voorburgse drama.

De rest van het bericht staat hieronder:

1922 januari treinongeluk 2

Annexatiegedoe in Voorburg, december 1921

Sommige thema’s komen in deze rubriek voortdurend terug, en één daarvan zijn de herhaalde annexatiepogingen van de gemeente Den Haag. Steeds weer stuitte de gemeente Den Haag op een gebrek aan grond om de groeiende bevolking voldoende ruimte te geven om te wonen, te werken en te ontspannen. Steeds weer werd geprobeerd dit op te lossen door grondgebied van omliggende gemeentes over te nemen. Heel recent is de discussie over het hergebruik van de grond waarop het ANWB hoofdkwartier staat. Den Haag zou ook daar graag woningbouw plegen. Ook al ligt het relatief dicht tegen het Haagse centrum aan, het is wel Wassenaars grondgebied. Bewoners van omliggende, Haagse(!) wijken gebruiken deze omstandigheid als argument om de bestaande gemeentegrenzen te handhaven, in de hoop dat Wassenaar daar geen grootschalige woningbouw zal accepteren.annexxatie_8-12-1921.jpg

Ook 100 jaar terug, in het najaar van 1921, was er al annexatiegedoe, maar toen tussen Den Haag en Voorburg. Den Haag had zijn oog laten vallen op het nog grotendeels ongebouwde gebied tussen de Broeksloot, de spoorlijn Den Haag-Gouda en de spoorlijn Den Haag-Leiden. Daarmee zou dit mooi aansluiten op het al eerder geannexeerde gebied van de Binckhorstpolder, aan de westelijke kant van de spoorlijn Den Haag-Gouda. Dat gebied werd al in 1907 van Voorburg overgeheveld naar Den Haag. In het nieuwe voorstel, van 1921, zou Voorburg, als het zou blijven bestaan, alleen nog maar de smalle strook tussen Vliet en Broeksloot omvatten. Met die omvang was Voorburg niet levensvatbaar meer. Vandaar dat B&W van Voorburg zich fel tegen dit nieuwe voorstel uitsprak. Het college merkte op dat Voorburg-Noord, zoals we dat nu noemen, volop in ontwikkeling was, met veel nieuwbouw en ook met openbaar vervoer (de Blauwe tram die in 1923 zou gaan rijden), waardoor de verbinding tussen Den Haag en Voorburg verder verbeterd zou worden. In enigszins larmoyant taalgebruik weergegeven, zou Voorburg een stiefkind worden van Den Haag, een wijkplaats voor allerlei ongerechtigheden die men in Den Haag niet bemerkt of wil bemerken. Dat is nog steeds niet echt veranderd. Het is het nog maar kort geleden dat we ‘verblijd’ werden met de plaatsing van een forse windturbine. Die staat, ver weg van de woonwijken van Den Haag, wel pal naast een woonwijk van en nagenoeg op de grens met Leidschendam-Voorburg ...

 

 

Dankbetuiging of fake news

Acties van bedrijven om de aandacht van de consument te trekken zijn van alle tijden. Wie herinnert zich niet de vrijdagkoopjes van V&D, de PCM acties van Albert Heijn, het snoepje van de week van de Gruyter en er zijn er nog veel meer te noemen. Zegeltjes waren daarbij vaak een belangrijk hulpmiddel, het bond de klant aan een bedrijf en zorgde er voor dat klanten terugkwamen. Veel klanten waren zeer te spreken over dit soort acties. Eindelijk kwamen zo artikelen als wasmachine of koelkast binnen bereik, eindelijk werd in die naoorlogse tijd de welvaartsverbetering zichtbaar. Mensen zullen daar zeker dankbaar voor zijn geweest, maar zo dankbaar als in bijgaande advertentie was toch een zeldzaamheid. Hierin liet een bewoner van de Kerkstraat in Voorburg in een ronkende volzin weten hoe een cadeau vanwege een bon bij de aankoop van een stuk Sultanezeep gewaardeerd was.

1921 novemberEchter, in tal van andere kranten verschenen in die jaren sterk overeenkomstige advertenties als onderstaand, van gelukkige winnaars wonend in Leiden, Amsterdam en Zierikzee. Dat wekt de indruk dat de fabrikant op deze wijze haar reputatie verder probeerde op te vijzelen. Niets op tegen, maar wel op het randje.  Programma’s als Kassa of Radar zouden hier zeker melding van hebben gemaakt, en dan was het geen positieve reclame meer.

Bron: Haagsche Courant, 26-11-1921

Goed nieuws voor Voorburgse hulp-Sinterklazen!

We leven in spannende tijden. Vooral door de coronacrisis is het mondiale logistieke proces duidelijk in het ongerede geraakt. Waren het eerst de tuinstoelen die niet aankwamen, nu zijn er te weinig computer chips, nodig voor zowat alles, en ook schaarstes bij een hele rij van grondstoffen. Er is een tekort aan lege containers in de ene haven en tegelijk een overvloed aan volle containers in de andere. Gevolg: schaarste op tal van markten en stijgende prijzen. En waarschuwingen in de media dat Sinterklaas wellicht niet alle in de verlanglijstjes vermelde cadeautjes op tijd zal kunnen afleveren bij al die lieve kinderen die nog vast in de Goedheiligman geloven.

1921 oktoberIn 1921 was de economische situatie ook erg lastig, zo kort na de Eerste Wereldoorlog. Maar daar stond tegenover dat de aanvoer van producten van overzee relatief beperkt was, en er vooral Nederlands fabricaat aangeboden werd. Vanaf 1914 waren het magere jaren geweest, ook al had Nederland niet meegevochten, was de economische impact enorm geweest. En zeker in 1917 en 1918 was er sprake van een aanzienlijke verarming en van een schrijnend tekort aan voedingswaren.

Na de oorlog kwam de wereldeconomie weer moeizaam op gang, zeker ook in Duitsland. In 1921 moest de dramatische hyperinflatie daar nog komen en duurde de crisis in ieder geval tot eind 1923. Maar in Nederland ontstond in 1921 blijkbaar toch weer wat ruimte om Sinterklaas op gepaste wijze te vieren. Natuurlijk, het aanbod was beperkt, maar toch kon V&D, toen nog een vooraanstaand grootwinkelbedrijf, al in oktober bijgaande advertentie plaatsen om haar klanten tal van ideeën aan de hand te doen wat men voor Sinterklaas zou kunnen kopen. Het aanbod was beperkt maar divers genoeg voor de verschillende doelgroepen. Voorburgse hulp-Sinterklazen konden dus bij de V&D aan het Spui in Den Haag terecht om de verschillende wensenlijstjes af te vinken.

Overigens valt wel op dat Zwarte Piet niet in de advertentie voorkomt. V&D was op dit punt haar tijd ver vooruit….

Schoolhoofd gezocht

Tegenwoordig is het voor veel scholen lastig om personeel te vinden. De minister heeft het budget voor scholen fors verhoogd, met als resultaat dat scholen tegen elkaar opbieden in arbeidsvoorwaarden. Soms wordt er gemeld dat er woonruimte beschikbaar is. Ook vroeger werden dergelijke lokkertjes ingezet om nieuwe leerkrachten te werven. Zo lezen we in deze advertentie voor een Hoofd voor de Van Wassenaer Hoffmanschool, een lagere school der Nederlands Hervormde Gemeente met ruim 180 leerlingen. Deze school lag achter de Herenstraat, aan de Parkweg. Het schoolgebouw staat er nog, maar de school is uiteindelijk opgeheven.

Advertentie voor nieuw schoolhoofd aug 1921

Geen idee hoe gespannen de arbeidsmarkt toen was, maar net als nu wordt een mooie woning aangeboden als lokkertje voor de kandidaten. Tegenwoordig worden dergelijke argumenten opnieuw in stelling gebracht, nu vooral vanwege de sterk gestegen huurprijzen en het navenant schaarse aanbod. Alhoewel de advertentie niet duidelijk is over het gewenst geslacht van de kandidaat, mogen we er wel vanuit gaan dat het om een man ging. De potentiële doelgroep werd nog verder ingeperkt doordat alleen Nederlands Hervormde kandidaten, beslist van gereformeerde beginselen, acceptabel waren. Natuurlijk moest men goed opgeleid zijn, diploma’s of bijakten strekten tot aanbeveling, evenals ervaring als schoolhoofd. Het salaris was niet slecht. Ervan uitgaande dat met fl. 50,- een weekinkomen bedoeld wordt, dan lag dat beduidend hoger dan het gemiddelde weekinkomen in dat jaar in Nederland. Dat bedroeg namelijk 24 gulden. We gaan er maar vanuit dat de Van Wassenaer Hoffmanschool een uitstekend Hoofd heeft weten te vinden.

Tuinfeest in Hotel “De Wijckerbrug”

Juist nu het kabinet bekend gemaakt heeft dat vanwege de Corona-pandemie grote festivals dit jaar (2021) helaas niet door mogen gaan, trok dit bericht van 100 jaar geleden de aandacht.

De bekende Haagsche dansschool Constandse organiseerde voor haar leerlingen en voor introducé’s een groots tuinfeest in Hotel “De Wijckerbrug” in Voorburg. Voorburg had met “De Wijckerbrug” een belangrijke uitgaansgelegenheid. Dit hotel lag naast de Wijkerbrug, waar zich nu de Maartens Basisschool bevindt. Waarschijnlijk had de heer Constandse op dat moment zelf onvoldoende ruimte voor een feest voor alle leerlingen. Na een paar maal van het Hofwijckplein (nabij het Rijswijkseplein) uitgeweken te zijn naar andere ruimtes in Den Haag, werd nu de sprong gewaagd naar Voorburg.

Wijkerbrug

Waarschijnlijk was ook dit eenmalig. Vanaf 1923 betrok dansschool Constandse een nieuwe locatie aan de Toussaintkade 16 in Den Haag, waar ze gevestigd bleef tot 1993. Tot in de jaren ’70 was Constandse in de regio Den Haag een fameuze dansschool, en veel oudere lezers uit Den Haag en Voorburg kennen zonder twijfel deze naam. Constandse ging soepel om met de verzuiling in die tijd. Zo waren er speciale danslessen voor de katholieke jeugd, die ‘natuurlijk niet om mocht gaan met ongelovigen of protestantse danslustigen’. ‘Gelukkig’ waren in Den Haag voor nagenoeg alle geloofsrichtingen passende dansscholen beschikbaar. Maar het blijven vasthouden aan de traditionele dansmuziek en omgangsvormen betekende ook voor deze dansschool het einde.

Tenslotte, ook al zou Lowlands dit jaar wel zijn doorgegaan, er zou aan de deelnemers vast geen souper zijn aangeboden. Gezien de tegenwoordig gebruikelijke beschikbaarheid van ‘geestverruimende’ middelen bij dit soort festivals, zou het aanbieden van een souper eigenlijk ‘mosterd na de maaltijd’ zijn geweest.   

Honderd jaar geleden was huispersoneel nog heel gewoon

100 jaar geleden huispersoneel 1

 

Honderd jaar geleden was het in gegoede kringen heel gewoon om inwonend huispersoneel te hebben. Rond 1920 waren ruim tweehonderdduizend meisjes en vrouwen [1] werkzaam in de huishouding. Een groot deel van de vrouwelijke beroepsbevolking van Nederland werkte dus in andermans huishouding. In de toenmalige standenmaatschappij waren de rolpatronen voor vrouwen vrij standaard. Als vrouw van stand – al dan niet gehuwd – had je huispersoneel en hoefde je niet bezig te houden met zo iets ordinairs als het huis schoon te maken, laat staan zelf de was te doen. Was je als meisje daarentegen ‘voor een dubbeltje geboren ’ dan was na de lagere school de kost verdienen in een ‘dienstje’ het normale vooruitzicht.

In dorpen op het platteland was het vrij gebruikelijk dat een baantje als dienstbode via ouders of bekenden geregeld werd. In de steden daarentegen was het adverteren van een vacature meer gebruikelijk. Zo staat in ‘De Graafschap-bode’ van 28 juni 1921 een advertentie van ‘Mevr. SCHOTEL, Villa Sparwoude te Voorburg’ [2] waarin gevraagd wordt om ‘een flinke Dienstbode, zelfstandig kunnende werken’.

Een paar zaken vallen op in deze advertentie: 1) Mevrouw Schotel uit Voorburg adverteert in een krant die in de Gelderse Achterhoek gepubliceerd wordt, 2) Er wordt geen loonbedrag genoemd maar een paar vergelijkbare advertenties op dezelfde pagina van ‘De Graafschap-bode’ doen dat wel.

100 jaar gelden huispersoneel 2Naar hedendaagse maatstaven zijn dat twee alarmbellen voor iemand die op zoek is naar werk. Waarom adverteerde iemand uit Voorburg in de Achterhoek om een dienstbode te vinden? Waarom werd er niets gezegd over het geboden loon en andere voorwaarden? Betekende het dat de reputatie van het huishouden zodanig was dat het in de regio Den Haag gewoon niet lukte om iemand te vinden?

Een baantje als dienstbode betekende meestal hard werken voor een karig loon. Een jaarloon van ƒ 250 à ƒ 300 voor een 6-daagse werkweek met dagen van 10-uur of meer was vrij normaal. Vergeleken met ‘90 cent per uur’ voor een semi-geschoolde arbeider als een schildersknecht is dat jaarloon nogal schamel. Voor inwonend personeel waren kost en inwoning dan wel gratis, maar inclusief de kost en inwoning was het effectieve uurloon van een dienstbode pakweg twintig cent.

Voor de omgang tussen de vrouw des huizes en het huispersoneel bestonden uitgebreide handleidingen. Zo staan in de 12e druk (1957) van het boek ‘Hoe hoort het eigenlijk?’ van Amy Groskamp-ten Have nog uitgebreide aanwijzingen over taakverdeling tussen het eerste, het tweede en het derde meisje. Inclusief richtlijnen voor de verdeling van fooien die door diner- of logeergasten werden gegeven. Wat betreft secundaire arbeidsvoorwaarden en verdere informatie over de werkomstandigheden van inwonend huispersoneel is het boek ‘Leven op stand 1890 - 1940’ van Ileen Montijn een mooie bron [3]. Zo blijkt dat in gunstige gevallen de fooien bijna een verdubbeling van het loon konden bedragen. Montijn geeft ook gedetailleerde werklijsten die elke week uitgevoerd moesten worden. Ook verhult Montijn niet dat bij de secundaire arbeidsvoorwaarden het moeten doorstaan van de seksuele avances van de heer of zoon des huizes vrij algemeenwas. In het huidige ‘Me Too’ tijdperk lijkt dat misschien ondenkbaar, maar honderd jaar geleden was het helaas vrij gebruikelijk.

Of de advertentie van ‘Mevr. Schotel (...) te Voorburg’ in een Gelderse krant voor ‘een flinke Dienstbode zelfstandig kunnende werken’ ook een dergelijke situatie als achtergrond had zullen we wel nooit te weten komen.

 

[1] https://nl.wikipedia.org/wiki/Dienstbode

[2] In een advertentie in de Haagsche Courant van 4 Juli 1925 waarin de veiling van de ‘groote luxueuse Villa “Sparwoude” met Tuin’ wordt aangekondigd staat ook het adres: Achterweg No. 164. Tegenwoordig is dat Parkweg 162.

[3] https://www.dbnl.org/tekst/mont023leve01_01/mont023leve01_01_0009.php

[3] htps://www.dbnl.org/tekst/mont023leve01_01/mont023leve01_01_0009.php